Vrijheid

 

Visietekst Vrijheid

goedgekeurd op het congres van 30 en 31 oktober 2009

Het streven naar vrijheid van het individu is voor L² de hoeksteen van het politiek programma. We geloven in de kracht en de mogelijkheid tot zelfontplooiing van mensen. Mensen hebben de mogelijkheid van autonoom denken en moeten maximaal eigen keuzes kunnen maken hoe zij hun leven willen vormgeven. Vrijheid en verantwoordelijkheid zijn echter keerzijden van dezelfde medaille. Tegenover zelfstandigheid staat immers ook de mogelijkheid en zelfs de morele plicht om te garanderen dat kansen niet onbenut worden, zowel door het individu zelf als door anderen.

De staat is voor L² altijd een middel en nooit een doel op zich. Zij mag de vrijheid van mensen niet beknotten zonder uitdrukkelijke verantwoording. We verwerpen ook de gedachte dat de staat het geluk van de mensen kan creëren. Een gelukkig leven, dat bepaal je immers zelf. Wel speelt de overheid een rol in het creëren van gelijke kansen, door bijvoorbeeld te garanderen dat onderwijs, sociale bescherming of een gezond leefmilieu voor iedereen toegankelijk zijn.

Geloof

Voor L² is het hebben van een geloof of een overtuiging een strikt persoonlijke aangelegenheid waar geen externe inmenging geoorloofd is. Enkel wanneer de externe handelingen op grond van een overtuiging schade veroorzaken tegenover anderen moet er worden opgetreden. De vrijheid om een geloof te belijden houdt eveneens het recht in dat geloof te manifesteren in de publieke sfeer. Ook gezagsdragers hebben dit recht, voor zover zij in de uitoefening van hun functie geen blijk geven van een gebrek aan onpartijdigheid. De dominantie van bepaalde geloofsstrekkingen in het verleden mag geen plaats maken voor een agressieve vorm van grijze neutraliteit. Waar mogelijk, kunnen overheden en werkgevers inspelen op de diversiteit waarmee ze in de samenleving geconfronteerd worden. Dit is immers een erkenning van het recht op vrijheid om een eigen overtuiging te hebben. L² wil ook het huidige systeem van vakantiedagen laten herzien. Veel wettelijke feestdagen zijn christelijk geïnspireerd terwijl veel mensen daar geen voeling meer mee hebben. L² stelt dan ook voor dat iedereen vrij is om een aantal vakantiedagen zelf te kiezen naargelang zijn of haar eigen voorkeuren.

Ethische dilemma’s

L² kiest voor een pluralistische houding ten aanzien van ethische thema’s. Morele dilemma’s waar mensen voor staan kunnen als politiek probleem niet worden opgelost door te verwijzen naar dogma’s of geloofsovertuiging. Het zelfbeschikkingsrecht van het individu, over zijn eigen lichaam en leven, staat voor L² centraal. Het recht op abortus en euthanasie moet worden gevrijwaard. Ook euthanasie op minderjarigen moet mogelijk worden onder duidelijke voorwaarden. Ook wetenschappelijke ontwikkelingen zorgen soms voor beroering. Nochtans bieden nieuwe mogelijkheden als biotechnologie ongetwijfeld belangrijke kansen. Zij moeten toegelaten zijn in een afgesproken kader. Het klonen van mensen kan a priori niet worden uitgesloten om ethische redenen.

Discriminatie

Mensen zijn niet gelijk, gelukkig maar. Toch heeft iedere mens recht op dezelfde fundamentele rechten. Maar we zien dat heel wat mensen die rechten worden ontzegd door hun afkomst  of andere omstandigheden buiten hun wil. De strijd tegen deze vormen van discriminatie moet worden vertaald in een echt beleid van gelijke kansen en emancipatie. Daarbij denken we aan een personen met een andere etnisch-culturele achtergrond, holebi’s, personen met een functiebeperking en, in nog heel wat domeinen, vrouwen. We verwerpen vormen van positieve discriminatie als deze net stigmatiserend werken. Zo lijdt het geen twijfel dat een beleid van redelijke aanpassingen ten aanzien van personen met een functiebeperking wel verantwoord is. De overheid heeft een sensibiliserend en sanctionerende rol ten aanzien van bewezen gevallen van discriminatie. Praktijktests moeten mogelijk gemaakt worden om gevallen van discriminatie te bewijzen. L² pleit ook voor de afschaffing van de gelijke man-vrouw verdeling op kieslijsten. Dit is een vorm van positieve discriminatie en kunnen we dus ook niet toelaten.

Privacy

Privacy is een fundamenteel recht, namelijk het recht om met rust gelaten te worden door overheden en andere personen of organisaties waar men niets mee te maken willen hebben. Dit recht garandeert dat we ons vrij in het publieke verkeer kunnen bewegen zonder ons zorgen te maken dat iemand anders iedere stap die we zetten minutieus volgt. Privacywetgeving blijft dus essentieel en moet zo nodig worden versterkt. Zo moet er een halt worden toegeroepen aan de oprukkende camera’s in het straatbeeld en het gedurende lange tijd bewaren van internet- of passagiersgegevens. Omzichtigheid is ook aangewezen bij het gebruik van biometrische gegevens. Wie privacywetgeving schendt, moet hiervoor effectief gestraft worden.

Terrorisme

Een zorgwekkende trend is het beknotten van de bewegingsruimte van mensen ten behoeve van de strijd tegen het terrorisme. Hoewel niemand kan ontkennen dat terrorisme onschuldige slachtoffers treft en te allen tijde moet worden veroordeeld, mag men ook niet vervallen in een maatschappij waarbij iedereen een potentiële misdadiger is. Er mag niet worden toegegeven aan veiligheids- en inlichtingendiensten om bepaalde rechten op te offeren enkel omdat dit praktischer zou zijn. Telkens moet er een toetsing zijn met de bestaande garanties inzake privacybescherming.

Recht

In de rechtspraak moet bescherming altijd voor sanctionering komen, zowel wat het slachtoffer als de dader betreft. Dit betekent dat geheimhouding van en respect voor persoonlijke gegevens een essentieel onderdeel is van een gerechtelijke procedure. Ook wanneer er onderzoeksdaden worden gesteld, kan er geen uitzondering gemaakt worden op de geldende bepalingen rond privacy in de rechtspraak. Geen enkele gerechtelijke instantie, of het nu om politie, parket of staatsveiligheid gaat, kan, ook niet wanneer het om bijzondere opsporingsmethodes gaat, buiten de wet opereren, en dient tijdens zijn werk steevast fundamentele rechten en vrijheden ter respecteren.

Net zoals de overheid een monopolie op geweld heeft, heeft zij dat ook in de rechtspraak. Het is de overheid, of instanties of personen, al dan niet professioneel, geïnstalleerd door de overheid, die uiteindelijk over schuldig of niet schuldig oordeelt. L² laakt dan ook de tendens naar privatisering van de jurisdictie, waarbij her en der zwarte lijsten ontstaan om allerlei redenen, die bepaalde groepen of personen uitsluiten en veroordelen, of waarbij burgers of drukkingsgroepen recht zelf gaan invullen en daarbij eigen criteria opstellen op basis waarvan anderen kunnen worden veroordeeld, zonder daarbij rekenschap te moeten afleggen aan enige rechterlijke of wetgevende macht.

Lidmaatschap

Ontdek alle voordelen van lidmaatschap!

SOS 2011

Facebook

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van onze laatste nieuwtjes!
website ontwikkeld in samenwerking met Jeugdwerknet vzw