|
||
|
|
Visietekst: DemocratieVisietekst Democratie goedgekeurd op het congres van 19-20 maart 2010 1. Een sterke parlementaire democratie Stelling 1. L² kiest voor een sterk parlement dat bestaat uit één kamer en dat wordt voorgezeten door een lid van de oppositie. De functie van de Senaat wordt daarom overbodig en deze wordt dan ook beter afgeschaft. Stelling 2. L² pleit voor een gemengd kiesstelsel zonder kiesdrempel. Hierin is er geen ruimte voor quota en opvolgers. Door de invoer van een kiezerspas krijgen kiezers de mogelijkheid om te stemmen op de plaats van voorkeur. Kiezers die niet in de mogelijkheid zijn om zich te verplaatsen, moeten de mogelijkheid krijgen om elektronisch te stemmen via internet. Stelling 3. Er is een rechtstreeks verkozen regeringsleider, op basis van een tweede stemronde. Het gebruik van “volmachten” door de regering is onwettig. Stelling 4. Er kan geen sprake zijn van het cumuleren van verschillende mandaten. Deze cumulregeling geldt voor elk bestuursniveau. Politici zetelen waar ze verkozen worden. De aanwezigheden van politici in het parlement worden bekendgemaakt. Stelling 5. L² pleit voor afschaffing van de monarchie en pleit voor de oprichting van een presidentiële republiek. Stelling 6. Bij parlementaire verkiezingen zijn partijen verplicht om hun verkiezingsprogramma op haar financiële haalbaarheid te laten toetsen door het Rekenhof. 2. Vereenvoudiging van de beleidsniveaus Stelling 8. Op basis van het subsidiariteitsbeginsel pleit L² er voor de efficiëntie van de beleidsniveaus te verhogen en de provincies en intercommunales. De verantwoordelijkheden van de provincie worden tot het beste dichtstbijliggende orgaan (gemeente, Vlaamse regering, federale regering). L² pleit voor rastersteden. Op lokaal vlak komt er ook meer steun en zelfstandigheid (dmv wijkbudgetten) voor de wijken. L² pleit ervoor dat stadsgewesten mogelijk moeten zijn. Stelling 9. De burgemeester wordt rechtstreeks verkozen. De zetelverdeling gebeurt op basis van maximale evenredige vertegenwoordiging. Stelling 10. Burgemeesters en schepenen kunnen maximaal twee ambtstermijnen per mandaat uitoefenen. Stelling 11. De discussie over Vlaanderen versus België is een achterhoedegevecht. Er moet worden aangestuurd tot een definitieve staatshervorming. Daarbij moet Vlaanderen een duidelijk engagement tot solidariteit opnemen met andere regio’s en personen. Ook de rechten van taalminderheden worden gerespecteerd. Vlaanderen en Europa krijgen een eigen grondwet. Stelling 12. Brussel krijgt een speciaal statuut. Naast hoofdstad van Vlaanderen moet het ten volle zijn rol kunnen ontwikkelen als diplomatieke en politieke hoofdstad van Europa met oog voor haar sociale diversiteit, haar interculturele rol en hoofdstedelijke functie. Het Europees district Brussel krijgt een grote mate van autonomie waarbij wordt gegarandeerd dat iedere gemeenschap zich ten volle kan ontwikkelen. De huidige 19 Brusselse gemeenten worden gefusioneerd. Deel II: Democratie op internationaal vlak Stelling 14. Het huidige Europees model moet hervormd worden tot een Europa van lidstaten en regio’s waarbinnen elk besluitvormingsniveau zijn eigen bevoegdheden opneemt naargelang het subsidiariteitsprincipe. De problematiek die internationale, grensoverschrijdende samenwerking vraagt, wordt aangepakt door het Europese niveau. Naast de lidstaten, verdienen ook regio’s met wetgevende bevoegdheid een volwaardige stem in het Europese besluitvormingsproces, bij voorkeur in de Raad van de Europese Unie, die hervormd wordt tot een tweede Europese parlementaire kamer. De overige Europese regio’s worden gegroepeerd in een versterkt adviesorgaan (cf. Comité van de Regio’s) dat specifiek instaat voor het toezicht op de regionale belangen. Stelling 15. De Europese instellingen hebben nood aan meer transparantie en democratie. Er moet een Europese structuur op poten worden gezet die meer democratie en directe Stelling 16. Het Europees parlement wordt geherwaardeerd zodat het haar initiatief- en controlerecht ten volle kan benutten. Het wordt vijfjaarlijks verkozen door álle inwoners van de Europese Unie, rekening houdend met de verhouding van het aantal inwoners per regio. Hierbij pleit L² voor een Europese kieskring met slechts een beperkt aantal parlementsleden. Stelling 17. Het Europees parlement is een volwaardig parlement aan wie de Europese regering verantwoording verschuldigd is. In de Europese besluitvorming is er geen plaats voor een vetorecht. Een grondwettelijk hof, het Hof van Justitie, ziet toe of Europese wetten in overeenstemming zijn met haar grondvesten. Stelling 18. L² pleit voor een eengemaakt Europees leger dat op de eerste plaats preventief handelt met mandaat van de VN. Europa heeft nood aan een eenduidig buitenlands beleid verpersoonlijkt door een Europese Minister van Buitenlandse Zaken. Stelling 19. De Europese samenwerking is gebaseerd op een eigen Europese Grondwet. Hierin is er geen plaats voor de verwijzing naar een godsdienst. Stelling 20. L² ziet, na het einde van de Koude Oorlog, geen belangrijke rol meer weggelegd voor de NAVO. De taak van de NAVO kan worden overgenomen door de Europese Defensiemacht enerzijds en de Verenigde Naties anderzijds. Stelling 21. L² pleit voor een coherente Europese ontwikkelingssamenwerking. Op deze manier wordt de welvaart op langere termijn gegarandeerd. Om op lange termijn een duurzame oplossing tot stand te brengen, pleiten we als sociaal-liberalen voor het opheffen van handelsbeperkende maatregelen. Iedereen moet toegang kunnen krijgen tot onze markt en voor producten moet een eerlijke prijs worden betaald, met aandacht voor de ecologische en culturele gevolgen van internationale handel. In de eerste plaats denken we aan de Europese steun aan landbouw, die dringend moet worden afgeschaft. Bij het vrijmaken van markten, staat het belang van de ontwikkelingslanden centraal. In bijzondere omstandigheden kan een vorm van tijdelijke afscherming van de markt toegestaan zijn, maar uiteindelijk is het doel de integratie in de wereldmarkt. Stelling 23. Een grondig hervormde Verenigde Naties moet dienen als forum om internationale problemen aan te pakken. Alle continenten zijn vertegenwoordigd door op z’n minst één permanente vertegenwoordiger. De landen van de Europese Unie hebben slechts één permanente vertegenwoordiger: de EU. L² pleit voor de afschaffing van het vetorecht. Stelling 24. Conflicten worden opgelost door internationaal overleg. Voor L² kan het niet dat staten beschikken over massavernietigingswapens en dat kernproeven worden uitgevoerd. Een wereld zonder kernwapens blijft voor L² het streefdoel. Dat vergt enerzijds een streng optreden tegenover nucleaire proliferatie vanwege nieuwe kernmachten en anderzijds een doorgevoerde vermindering van de bestaande arsenalen. Op het Europese grondgebied is er geen plaats voor nucleaire wapens. Stelling 25. L² pleit voor het afdwingbaar maken van internationale gedragsregels. Staten moeten hun onderlinge conflicten voorleggen aan het Internationaal Gerechtshof. Bij individuele schendingen van het internationaal humanitair recht, moet het Internationaal Strafgerechtshof maximaal kunnen optreden, ook ten aanzien van staatshoofden en regeringsleiders. Deel III: Inspraak en betrokkenheid 1. Recht op stemrecht Stelling 26. L² pleit voor stemrecht vanaf 16 jaar. Het migrantenstemrecht dat nu bestaat wordt uitgebreid naar alle beleidsniveaus. Na drie jaar permanent verblijf, krijgt elke burger met vreemde nationaliteit stemrecht. 2. Beslissende referenda Stelling 27. L² schrijft het beslissend referendum op volksinitiatief in de Grondwet voor alle bestuursniveaus, waarbij het winnende kamp minstens 25 procent van de ingeschreven kiezers verkrijgen. 3. De multireligieuze samenleving Stelling 28. Voor L² is het hebben van een geloof of een overtuiging een strikt persoonlijke aangelegenheid waar geen externe inmenging geoorloofd is. L² wil het huidige systeem van vakantiedagen laten herzien. Veel wettelijke feestdagen zijn christelijk geïnspireerd terwijl veel mensen daar geen voeling meer mee hebben. L² stelt dan ook voor dat iedereen vrij is om een aantal vakantiedagen zelf te kiezen naargelang zijn of haar eigen voorkeuren. Deel IV: Het primaat van de politiek 1. Het maken van het beleid Stelling 29. De overheid heeft niet enkel een regulerende rol, maar ook een sturende en organisatorische rol. Het overheidsbeleid moet worden bepaald door democratisch verkozen politiek verantwoordelijken. Stelling 30. De administratie staat in voor het voorbereiden, uitvoeren en evalueren van het beleid. Het middenveld moet hierbij betrokken worden. De politiek heeft als taak deze participatie te ontwikkelen en te stimuleren. 2. De rol van vakbonden Stelling 31. Vakbonden en werkgeversorganisaties onderhandelen over arbeidsovereenkomsten binnen de grenzen die de beleidsverantwoordelijken op voorhand gesteld hebben. Ondernemingsraden worden verkozen via vrije verkiezingen. De uitvoerende taken in de sociale zekerheid gebeuren niet exclusief door vakbonden, ziekenfondsen en werkgeversorganisaties. Uitkeringen worden uitbetaald door de overheid. 3. Politiek en de openbare omroep Stelling 32. De politiek en het management tekenen door middel van de beheersovereenkomst de krijtlijnen uit van de openbare omroep. Daarbinnen is er geen politieke inmenging in het bestuur.
|
LidmaatschapOntdek alle voordelen van lidmaatschap! Onze activiteitenKlik hier voor de volledige kalender. Nieuwsbrief |
| L² • Woeringenstraat 19, 1000 Brussel • tel. 02/217.63.28 • info@l2.be | ||