Diversiteit

 

Visietekst Diversiteit

goedgekeurd op het congres van 25 en 26 oktober 2008

Stelling 1

L² pleit voor een benadering van het begrip diversiteit vanuit het individu. Elk individu moet gelijke kansen krijgen in onze samenleving en zijn/haar eigen identiteit openlijk en vrij kunnen beleven, zonder evenwel anderen te discrimineren.

Diversiteit in het onderwijs

Stelling 2

Voor L2 moet diversiteit op de school worden aangemoedigd. Elke erkende religie heeft recht om eigen scholen op te richten, maar mag op basis van religie niemand weigeren, en dient zich aan de eindtermen te houden.

Stelling 3

Een grote mate van diversiteit in al zijn vormen in eenzelfde klasgroep is maar mogelijk als de klassen niet te groot zijn, en leerlingen die extra begeleiding nodig hebben die ook krijgen. L2 is van mening dat de overheden hiertoe voldoende middelen moeten voorzien, en quota moet opleggen voor maximale leerlingenaantallen in één les, met 20 als absolute bovengrens. 

Diversiteit op de arbeidsmarkt

Stelling 4
 
Flexibele contractregelingen moeten zich richten op hoog opgeleide werknemers, en niet op laag geschoolde arbeiders, voor wie flexibele ‘hire and fire’ bijna enkel nadelen met zich meebrengt. L2 pleit voor meer flexibiliteit op de arbeidsmarkt, maar enkel als dit ten goede komt van iedereen. Flexibiliteit in een kenniseconomie moet daarom meer betrekking krijgen op de werknemers die werkzaam zijn op het vlak van kennis.
 

Stelling 5

Omdat vrouwen nog steeds in veel grotere mate de zorgfuncties opnemen in het gezin dan mannen, en er grote ongelijkheid tussen de geslachten bestaat in verschillende sectoren, pleit L2 voor uitgebreider vaderschapsverlof, gratis kinderopvang en betere maatregelen in alle sectoren om werk en zorg te combineren. De overheid heeft hierin een voorbeeldfunctie te bekleden. 

Stelling 6

Er wordt nog steeds gediscrimineerd op de werkvloer (t.o.v. allochtonen, functiebeperkingen, kortgeschoolden, vrouwen,...) en dat blijkt niet te beteren met de tijd. Daarom is L2 van oordeel dat de overheid er een grote rol in heeft om vooroordelen uit de wereld te helpen. Dit moet ze doen door met quota te werken in haar eigen diensten, met een goed activeringsbeleid intensief te begeleiden naar de eerste job en meer algemeen door een mentaliteitswijziging te bewerkstelligen in manageropleidingen en human resource management. 

Stelling 7

Om de werkzekerheid te garanderen van oudere werknemers, hun tewerkstellingsgraad te verhogen, en tegelijkertijd hogere inkomens voor jonge werknemers te garanderen, wil L2 dat anciënniteit minder doorweegt in de verloning van werknemers.

Stelling 8

Om oudere werknemers verder te prikkelen aan het werk te blijven, pleit L2 voor betere ‘uitbol’-mogelijkheden en een specifiek contract voor senioren die deeltijds jongeren begeleiden in hun eerste job. 

Diversiteit in seksualiteit

Stelling 9

L2 vindt dat rechten, plichten en kansen in geen geval mogen afhangen van iemands seksuele geaardheid. Organisaties, verenigingen en politieke partijen die actief discrimineren, moeten worden aangegeven bij het Centrum van gelijke kansen en racismebestrijding.

Diversiteit in religie

Stelling 10

L2 erkent de maatschappelijke meerwaarde van verenigingen en levensbeschouwelijke organisaties, als middelen van zingeving en om mensen bij elkaar te brengen. Subsidiëring is dan ook wenselijk, maar mag niet afhankelijk zijn van de aard en finaliteit van de vereniging. Breedtesport, buurt, culturele en religieuze verenigingen moeten onder een zelfde stelsel van subsidiëring ondergebracht worden.

Stelling 11

Het patrimonium van de verschillende religies wordt beschouwd als culturele infrastructuur en staat ten dienste van de hele maatschappij. Iedereen kan er dus gebruik van maken, ook over culturen of religies heen. Onder deze voorwaarde kan het patrimonium gesubsidieerd worden door de overheid. 

Diversiteit in functiebeperking

Stelling 12

Openbare instellingen moeten verplicht een toegankelijkheidsstudie laten uitvoeren. Ze verbinden er zich dan ook toe om binnen een aanvaardbare termijn hun gebouwen en voertuigen aan te passen aan de voorstellen gedaan door die studie.

Stelling 13

De verschillende vormen van culturele beleving dienen zoveel mogelijk te worden opengetrokken voor mensen met functiebeperkingen. De overheid moet financiële incentives voorzien voor instellingen die hier een voortrekkersrol in opnemen. In samenspraak met belangbehartigende organisaties kunnen voorstellen uitgewerkt worden.

Stelling 14

Het merendeel van de functiebeperkten is niet actief op de arbeidsmarkt. L2 is van mening dat de overheid de volledige kosten moet dekken om de integratie op de reguliere arbeidsmarkt mogelijk te maken, en op een proactieve manier met functiebeperkten een gepaste plek moet zoeken. Op loonkostvergoedingen kan slechts aanspraak gemaakt worden door de werkgever mits aantoonbare lagere productiviteit. 

Stelling 15

Beperkte talige communicatie is een van de grootste drempels voor slechthorenden om te integreren in een sociale omgeving. Dit kan vereenvoudigen als iedereen een basiskennis heeft van communiceren door middel van gebaren. Hiertoe dient een basiskennis te worden geïntegreerd in de eindtermen van de scholen, en moet de overheid erover waken dat lessen gebarentaal zo laagdrempelig mogelijk zijn voor iedereen, ongeacht of ze familieleden van slechthorenden zijn.

Stelling 16
 
Bijvoorbeeld blinden hebben in het openbare domein een vaak opvallende aanwezigheid. De meeste zijn erg zelfredzaam, maar in bepaalde situaties is dat niet genoeg. L2 vindt dat een hoffelijkheidscampagne nodig is om mensen te duiden op hoe met functiebeperkten om te gaan, wanneer in te grijpen en hoe hulp aan te bieden.

Veiligheid in de voedselketen

Stelling 17

Volgens L² is zonder volledige zekerheid over de risico’s op vlak van gezondheid en duurzame ontwikkeling, op korte én lange termijn, de commercialisering van genetisch gewijzigd voedsel niet opportuun.

Stelling 18

Klonen, met als doel kloondieren in de voedselketen te brengen, is slechts toegestaan onder gecontroleerde omstandigheden en het dierenwelzijn moet immer op de eerste plaats staan. Dierproeven zijn slechts mogelijk wanneer het voordeel van wetenschappelijk onderzoek duidelijk aantoonbaar is.

Stelling 19

Biologische teelt en kweek van voedsel en dieren, dienen te worden aangemoedigd, gezien de gezondheids- en milieuvoordelen.

Stelling 20

Het stimuleren van lokale productie dient om dezelfde redenen te worden aangemoedigd. Het zo kort mogelijk houden van de productieketen, waarbij gelet wordt op de lengte van verwerking, transport en verkoop, strekt om economische en ecologische redenen tot aanbeveling.

Stelling 21

Er is in het onderwijs en in onze maatschappij meer nood aan bewustmaking rond veilig voedsel. Voedselpreventie, waarbij men studenten en leerlingen leert hoe verantwoord omgaan met voedsel, zou dan ook tot het leerpakket moeten behoren.  

Stelling 22

Boeren en tuinders die biologisch kweken en telen moeten gecompenseerd worden voor de meerkosten die eraan verbonden zijn. Dit heeft een positieve invloed op de kwantitatieve productie en op de verkoop, doordat de prijs zal verlagen waardoor de bevolking gestimuleerd wordt om biologisch te kopen en te eten.

Veiligheid in de persoonlijke levenssfeer

Stelling 23

L² spreekt zich uitdrukkelijk uit tegen de eenzijdige benadering van veiligheid, wat onder meer als gevolg heeft dat er overal camera’s opduiken, ten koste van onze privacy. De vraag die dan ook moet worden gesteld, is in welke mate wij nog bereid zijn vrijheid op te geven in ruil voor iets dat soms niet meer dan een gevoel is. L² roept overheid en maatschappij op zich van de cameraobsessie los te maken en de verworven privacy te koesteren.

Stelling 24

Indien het door omstandigheden noodzakelijk blijkt camera’s te plaatsen op besloten plaatsen, dient net zoals bij de plaatsing op open plaatsen een algemeen akkoord te bestaan, en dient de noodzaak concreet te worden geduid. Bijvoorbeeld in een appartementsgebouw is toestemming van iedere inwoner essentieel en dient het bewijs door de uitbater/beheerder te worden geleverd dat plaatsing van camera’s op aanzienlijke wijze bijdraagt aan de veiligheid.

Stelling 25

L² draagt de overheid op het verstrekken van persoonsgegevens aan buitenlandse overheden en inlichtingendiensten te beperken tot het strikt noodzakelijke. Ook het onrechtstreeks inlichten, via controle of inbeslagname van persoonlijke voorwerpen, moet uiterst omzichtig gebeuren. Initiatieven om juridische duidelijkheid te creëren, op nationaal en transnationaal vlak, en de bescherming van de burger te garanderen, zijn dan ook noodzakelijk.

Stelling 26

De Europese overheid dient bij eventuele nieuwe maatregelen steeds een evenwicht na te streven tussen veiligheid en privacy. Het verzamelen van passagiersgegevens van reizigers om veiligheidsrisico’s te detecteren, lijkt bijvoorbeeld niet op te wegen tegen het verlies aan privacy dat daarmee gepaard gaat.

Stelling 27

Omzichtigheid is aangewezen bij het gebruik van biometrische gegevens. Op dit ogenblik bestaat helemaal geen duidelijkheid over het gebruik van vingerafdrukken, DNA, lichaamskenmerken enzovoort. De huidige wetgeving en adviezen zijn verre van voldoende om de burger zijn persoonlijke levenssfeer te beschermen. Volgens L² dient er een wetgevend kader te worden gecreëerd door de nationale en/of Europese overheid en wetgever, dat duidelijk stelt wie er wanneer gebruik mag maken van welke gegevens en hoe persoons- en biometrische gegevens beveiligd en bewaard dienen te worden. Zo komen vertrouwelijke gegevens slechts in die handen terecht die door de wetgever zijn aangewezen.

Veiligheid op het internet

Stelling 28

Wanneer men gebruikmaakt van iemands’ persoonlijke gegevens, via welke communicatieweg dan ook, dient dit in overeenstemming te zijn met geldende bepalingen rond privacy en het gebruik van persoonsgegevens. Hierop kan geen uitzondering worden toegestaan door voorafgaand met de persoon wiens gegevens worden verwerkt een algemeen akkoord te maken. Ook op het internet kan niet worden afgeweken van de regels van openbare orde.

Stelling 29

L² verdedigt zijn standpunt rond het gratis downloaden, en het belang daarbij van de bescherming van persoonsgegevens. Het kan dus niet dat gebruikers als eindverantwoordelijke worden aangewezen bij het downloaden, legaal of illegaal, van gegevens, en hiervoor de toegang tot persoonlijke gegevens ongelimiteerd is. Het zijn in de eerste plaats de verstrekkers van data en de providers die verantwoordelijk zijn, en de particuliere gebruiker kan dus niet worden veroordeeld voor zijn recht op het privégebruik.

Stelling 30

Het controleren van e-mail op het werk door de werkgever dient geheel verboden te zijn behoudens een straf- of tuchtonderzoek.

Veiligheid van het recht

Stelling 31

In de rechtspraak moet bescherming altijd voor sanctionering komen, zowel wat het slachtoffer als de dader betreft. Dit betekent dat geheimhouding van en respect voor persoonlijke gegevens een essentieel onderdeel is van een gerechtelijke procedure. Ook wanneer er onderzoeksdaden worden gesteld, kan er geen uitzondering gemaakt worden op de geldende bepalingen rond privacy in de rechtspraak. Geen enkele gerechtelijke instantie, of het nu om politie, parket of staatsveiligheid gaat, kan, ook niet wanneer het om Bijzondere Opsporingsmethodes (BOM) gaat, buiten de wet opereren, en dient tijdens zijn werk steevast fundamentele rechten en vrijheden ter respecteren.

Stelling 32

Transparantie is de beste garantie op een niet-discriminerende rechtspraak. Te allen tijde, tijdens de gehele gerechtelijke procedure, dient dit principe te worden gerespecteerd, en moeten controlemogelijkheden aanwezig zijn. De huidige praktijk waarbij de mate van openheid van dossiers afhankelijk is van de goodwill van politiemensen, is volgens L² dan ook een nefast aspect van de rechtsgang. Van elk deel van een onderzoek, moet het mogelijk zijn dat het op ieder moment ter controle wordt voorgelegd aan rechter of advocaat, en wanneer blijkt dat bewijsmateriaal onrechtmatig verkregen is, dient dit te worden voorgelegd aan een onafhankelijke commissie.

Stelling 33

Wat minderjarigen betreft, is grote voorzichtigheid aangeraden wat het gebruikmaken van persoonlijke gegevens betreft. Nog meer dan volwassenen zijn zij kwetsbaar voor invloeden van buitenaf en misbruik van het privéleven. L² kiest dan ook uitdrukkelijk, ook in het recht, voor beschermende maatregelen, die in de eerste plaats op herintegratie en bemiddeling zijn gericht en kaderen binnen een specifieke jongerenaanpak. Voordat men dus tot uithandengeving overgaat, daarmee de identiteit van de jonge dader in de openbaarheid brengt en de toekomst van de persoon in kwestie ernstig hypothekeert, moeten verschillende stappen worden doorlopen waarbij de zwakke positie van de minderjarige in de maatschappij het uitgangspunt is. Voor de jongere is het krijgen van een tweede kans binnen een beschermd, aangepast en veilig kader, wat het volwassen rechtssysteem niet is, uitermate belangrijk.

Stelling 34

Wanneer men strafmaatregelen neemt ten opzichte van minderjarigen, is het belangrijk het onderscheid tussen individuele en collectieve maatregelen voor ogen te houden. Groepsgebonden maatregelen mogen dan pedagogische voordelen bieden, L² kiest voor een individuele aanpak, die vaak een betere garantie op bescherming biedt. Die individuele aanpak, aan de hand van confrontatie, begeleiding en opvoeding, heeft vaak een gunstiger effect, onder andere doordat de jongere de kans krijgt een persoonlijk groeipad te doorlopen zonder kwalijke invloeden en blikken van buitenaf, in tegenstelling tot een collectieve maatregel, waar de kans op besmetting groot is en de ene jongere het slechte voorbeeld van de andere gaat volgen.

Stelling 35

Net zoals de overheid een monopolie op geweld heeft, heeft zij dat ook in de rechtspraak. Het is de overheid, of instanties of personen, al dan niet professioneel, geïnstalleerd door de overheid, die uiteindelijk over goed of slecht oordeelt. L² laakt dan ook de tendens naar privatisering van de jurisdictie, waarbij her en der zwarte lijsten ontstaan om allerlei redenen, die bepaalde groepen of personen uitsluiten en veroordelen, of waarbij burgers of drukkingsgroepen recht zelf gaan invullen en daarbij eigen criteria opstellen op basis waarvan anderen kunnen worden veroordeeld, zonder daarbij rekenschap te moeten afleggen aan enige rechterlijke of wetgevende macht. L² vraagt aan de overheid om maatregelen te nemen om een einde te stellen aan deze rechtsondermijnende praktijken die discriminerende rangen aanbrengen in de maatschappij.

Lidmaatschap

Ontdek alle voordelen van lidmaatschap!

SOS 2011

Facebook

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van onze laatste nieuwtjes!
website ontwikkeld in samenwerking met Jeugdwerknet vzw